Lezingen

Overzicht

 


Marianne Boenink: Filosoferen over ziekte en gezondheid: een inleiding met zevenmijlslaarzen

Veel filosofen hebben zich gebogen over de vragen ‘wat is ziekte?’ en/of ‘wat is gezondheid?” Zij hebben verschillende antwoorden op die vragen gegeven. Sommige zien ziekte en gezondheid bijvoorbeeld vooral als fenomenen die in de ruimte van het lichaam te lokaliseren zijn, terwijl anderen de nadruk leggen op het dynamische, proceskarakter van beide. Ook over de vraag hoe je ziekte van gezondheid onderscheidt, verschillen de meningen. Daar komt nog bij dat de vragen zelf op uiteenlopende manieren worden benaderd. Sommige filosofen proberen vooral een beschrijvend begrip van ziekte of gezondheid te ontwikkelen dat recht doet aan de bestaande omgang met ziekte en gezondheid. Anderen zijn normatiever en proberen voor te schrijven hoe we deze begrippen zouden moeten gebruiken. Ondertussen verandert ons gebruik van de begrippen gezondheid en ziekte ook zonder filosofische interventie voortdurend, mede onder invloed van ontwikkelingen in biomedische wetenschap en technologie. Filosofen die zich over deze begrippen buigen moeten dus een bewegend doelwit in beeld zien te krijgen. Ik zal in mijn bijdrage een historisch en analytisch overzicht geven van de belangrijkste filosofische opvattingen en benaderingen van ziekte en gezondheid. Daarbij ga ik in grote stappen door de geschiedenis van de moderne geneeskunde heen. Ik zal duidelijk maken dat filosofische opvattingen over ziekte en gezondheid enerzijds vaak voortkomen uit specifieke historische ontwikkelingen, maar dat ze anderzijds ook kunnen helpen om recente ontwikkelingen beter te begrijpen.

Dr. Marianne Boenink is gezondheidswetenschapper en filosoof, en als universitair docent verbonden aan de afdeling Wijsbegeerte van de Universiteit Twente. Zij houdt zich in haar onderzoek bezig met filosofische en ethische vragen rondom nieuwe biomedische technologie, en de rol van toekomstvisioenen in het biomedische onderzoek, zoals ‘predictive, preventive and personalized medicine’. Aandacht voor het begrip van ziekte en gezondheid dat aan zulke visioenen ten grondslag ligt, zo is haar ervaring, kan goede diensten bewijzen voor wie deze visioenen beter wil begrijpen.

terug naar overzicht


Berend Verhoeff: Naar een vitale toekomst voor de psychiatrie

De psychiatrie bevindt zich weer eens in een crisis. Haar dominante classificatiesysteem – het DSM-systeem – blijkt weinig valide en medicalisering in de hand te werken; de dominante neurobiologische verklaringsmodellen zijn onzeker, complex en vooralsnog klinisch onbruikbaar; en de therapeutische capaciteiten – ondanks de stijging van psychofarmacagebruik – stellen teleur. In mijn presentatie ga ik op zoek naar de aard van deze crisis en ik zal suggereren dat zowel de dominante rol van de neurowetenschappen in psychiatrisch onderzoek, als de manier waarop de psychiatrie haar onderwerp – psychiatrische aandoeningen – benadert, een rol spelen bij de huidige crisis. Met behulp van een filosofische en historische analyse van het begrip autisme zal ik een voorstel doen voor een alternatieve benadering van psychiatrische ziektes. Hierbij staat niet een neurobiologische ziekte (autisme, ADHD, depressie) centraal, maar de ervaringen, gedragingen en beperkingen van het individu. Deze ‘vitalistische psychiatrie’ is zeker niet anti-neurowetenschappen, maar heeft meer oog het individu dat niet alleen gevormd wordt door de tijd en zijn (sociale) omstandigheden, maar ook in staat is om de omgeving te veranderen en zodoende in een dynamische relatie tot zijn directe leefwereld staat. Deze benadering vraagt om een actievere samenwerking tussen de medische-, sociale- en geesteswetenschappen.

Dr. Berend Verhoeff is psychiater en wetenschapsfilosoof.  Hij promoveerde in 2015 bij Trudi Dehue en Douwe Draaisma op een proefschrift getiteld “Autism’s anatomy”.  Hij werkt bij het Dr. Leo Kannerhuis (centrum voor onderzoek en behandeling van autisme) in  Amsterdam

overzicht


Machteld Huber: Een nieuw, dynamisch concept van gezondheid en de uitwerking naar ‘Positieve gezondheid’

Iedere arts zweert of belooft bij zijn of haar afstuderen met de eed van Hippocrates om (tevens) ‘gezondheid te bevorderen’. Maar feitelijk is het daar in de studie nauwelijks over gegaan.  Wat houdt ‘gezondheid’ eigenlijk in en denkt iedereen daar hetzelfde over? Machteld Huber deed hier uitgebreid onderzoek naar en het eerste deel van haar verhaal gaat hierover.

De uitkomsten van haar onderzoek doen een appel aan artsen om breder te gaan denken dan vanuit het biomedische model van de mens. Maar wat houdt dat dan in en hoe kan je daar in de praktijk mee omgaan, enerzijds bij zieke mensen, maar ook bij gezonde mensen om ze breed inzetbaar te houden. Huber vertelt over haar ‘work in progress’ op dit gebied en daagt haar gehoor uit om mee te denken en daarover van gedachten te wisselen.

Dr. Machteld Huber is arts/onderzoeker en oprichter Institute for Positive Health. Zij is van oorsprong huisarts. Tijdens eigen ervaring met ziekte ontdekte ze dat ze haar herstel actief en positief kon beïnvloeden. Zij besloot meer aandacht te gaan richten op ‘gezondheidsbevordering’ en  ontwikkelde een nieuw, dynamisch concept van gezondheid, dat zij uitwerkte tot het brede begrip ‘Positieve gezondheid’, waar zij in 2014 op promoveerde. Recentelijk is zij uitgeroepen tot de meest invloedrijke persoon in de publieke gezondheid van 2015. Machteld Huber won de verkiezing die georganiseerd is door de NPHF Federatie voor Gezondheid en GGD GHOR Nederland.

overzicht


Elselijn Kingma: Co-referaat bij “Positieve gezondheid”

Prof.dr. Elselijn Kingma is Socrates Hoogleraar ‘Filosofie en Techniek vanuit Humanistisch Perspectief’ aan de Technische Universiteit Eindhoven.  Tevens is zij universitair hoofddocent filosofie aan de Universiteit van Southampton. Na haar geneeskunde studie promoveerde zij aan de Universiteit van Cambridge op een proefschrift over concepten van ziekte en gezondheid. Haar onderzoeksinteresses liggen op het gebied van de filosofie van de geneeskunde, filosofie van de biologie, metafysica en toegepaste ethiek. Momenteel leidt zij een vijfjarig EU-gefinancieerd onderzoeksproject getiteld ‘Better Understanding the Metaphysics of Pregnancy’.

overzicht


Jacqueline Kool: “A broken teacup is not a flawed example of a teacup, but a perfect example of a broken teacup”

“A broken teacup is not a flawed example of a teacup, but a perfect example of a broken teacup”. Met dit citaat van Adele B. McCollum leggen we de concepten ziek en gezond op de snijtafel van disability studies. Hoe doen we recht aan zowel persoon, lichaam als (maatschappelijke) context in ons denken over ziekte en beperkingen? Welke rol speelt onze verhouding tot begrippen als kwetsbaarheid en maakbaarheid daarbij? En hoe ziet de relatie tussen ziekte, gezondheid en zingeving eruit? Een verhaal waarin disability studies en filosofische benaderingen worden verbonden met eigen ervaringen in de wereld van zorg en van leven met beperkingen.

Jacqueline Kool studeerde maatschappelijk werk en theologie. In 2009 was zij mede-oprichter van Disability Studies in Nederland, waar zij nu werkzaam is als kennismanager. Door haar eigen ervaring van leven met een spierziekte, leerde zij al vroeg nadenken over haar positie in maatschappij en zorg, en een eigen wijsheid ontwikkelen over leven met beperkingen. Zij schreef o.a. Goed bedoeld. Levensbeschouwelijk kijken naar handicap en ziekte (2002) en Eros in de kreukels. Verhalen van lijven, leven en lust vanuit de kreukelzone (2010).

overzicht


Luc Bonneux: Plenaire beschouwing

Dr. Luc Bonneux is arts-epidemioloog en werkt momenteel als verpleeghuisarts te Roosendaal.  Hij volgde de opleiding tot epidemioloog te Londen en promoveerde aan de Erasmus Universiteit Rotterdam op een proefschrift over het gebruik van wiskundige modellen bij verouderingsaandoeningen. Hij heeft in vier landen gewerkt als huisarts, tropenarts, ziekenhuisarts, epidemioloog, epidemiologisch demograaf. Zijn voornaamste belangstelling betreft veroudering en keuzen aan het levenseinde.

overzicht